Voettocht naar Jeruzalem Deel 3

 

 

 

 

 Hongarije

Ik loop door tot ik in Szeged ben, in het zuidoosten van Hongarije en onderweg valt de eerste sneeuw van deze winter al. Gelukkig is het maar één dag en is het meeste alweer verdwenen als ik in deze stad aankom, maar het is het begin van de koude periode die komen gaat. In Szeged kan ik in de bibliotheek van het studentenhuis, verbonden aan het "Kollegium", slapen, wat hier wel meer gebeurt als ze plaats hebben. Vandaag en morgen hebben ze eigenlijk geen plaats voor een gast, maar deze aardige jongelui willen me niet teleurstellen en daarom krijg ik een matras in een hoekje van hun bib. 's Avonds mag ik zelfs op hun computer internetten en ontvang en verstuur weer wat E-mailtjes. Dat ik een E-mail-adres via Hotmail.com heb, heb ik, na een handige tip van een Braziliaans meisje in het computermuseum van Paderborn weten te regelen. Sindsdien ontvang ik regelmatig E-mailtjes van familie en vrienden via cyberspace en dat blijkt een stuk betrouwbaarder dan trage Tante Post in deze landen. Na een dagje rust ga ik weer verder met m'n wandeltocht en steek vroeg in de ochtend van de derde dag de grens naar Roemenië over. Tijdens een rustpauze langs de kant van de weg, stopt er een grensbeambte bij me om mijn papieren te controleren. Hij klinkt een beetje streng, maar als mijn pas en visa in orde bevonden worden, zegt hij dat hij me op tv gezien heeft en wenst me verder een goede reis en neemt lachend afscheid.

Het is een lange ruk van ongeveer 40 km door een compleet leeg landschap, zonder huisje, boompje of beestje, naar Pecica waar ik tegen schemer aankom. Als ik in een lokaal en oud restaurant gegeten heb en weer naar buiten stap zal een jonge gozer me de weg naar een hotel wijzen. We gaan links- en rechtsaf, donkere en modderige straatjes door, tot we in een soort park bij de rivier zijn aangekomen en hij me een verlichte villa aanwijst als het hotel. Dan springt hij plotseling op mijn nek in een poging me op de grond te werpen en me te beroven, maar ik sta stram als een eiken plank en waarschijnlijk zit mijn rugzak hem flink in de weg om goed grip op me te krijgen. In dezelfde seconde schud ik hem van me af en ga met een uitdagende blik in mijn ogen klaar staan om zijn volgende aanval op te vangen. Ik lach hem toe en zeg dat hij het gerust nog eens mag proberen. Hij grijpt in zijn binnenzak op zoek naar een mes of pistool, maar kan niets vinden, de arme sloeber, en hij bedenkt zich en kiest het hazenpad. Even verder zet ik mijn tent op en verwacht hem niet meer terug. Dat was een slecht begin van Roemenië en het maakt me een beetje ongerust voor het verder verloop van deze tocht. Onterecht, want ik ben voor de rest van mijn 17-daagse tocht door dit zeer arme land alleen maar hele aardige, vriendelijke, behulpzame en gastvrije mensen tegengekomen.

 

Ik moest nu eerst naar Arad lopen om een nieuwe wegenkaart te kopen, omdat ik de mijne al gelijk over de grens verloren had. Anders had ik nog een stuk af kunnen snijden om via kleinere wegen naar Timisoara te lopen. Even buiten Timisoara zet ik mijn tent op in het korenveld omdat er verder geen bos of struik te bekennen is en het begint 's nachts te sneeuwen en dat blijft het de hele verdere volgende dag doen. En deze sneeuw blijft liggen, zodat ik de volgende dagen door de sneeuw loop te banjeren, wat het lopen een stuk zwaarder maakt. Een paar dagen later tijdens een hevige sneeuwval kom ik met het vallen van de avond in Berzovia aan.

Aan de rand van het dorp kan een vette koe het gladde en steile dijkje niet opkomen en zakt vermoeid door haar poten heen. Een grootmoedertje staat met haar stok het beest in haar kont te prikken, maar bereikt niet het beoogde effect. Ik neem het tafereel een ogenblik in ogenschouw en besluit om met al de kracht die me nog rest de koe aan de halsketting omhoog te trekken om zo beide van een wisse vriesdood te redden. Met vereende krachten lukt het om het arme beest op de weg te krijgen en het oude vrouwtje is me zeer dankbaar. Dat laat ze extra blijken door me een slaapplaats aan te bieden in hun familiehuis zodra ze hoort dat ik alleen een tent heb en eigenlijk een hotel zoek. Maar hier langs deze wegen zijn helemaal geen hotels. In het huis van het lieve oude vrouwtje word ik hartelijk ontvangen. Alleen Helmuth, de schoonzoon, spreekt Duits en via hem kan ik mijn verhaal duidelijk maken aan de rest van de familie. Ik krijg een maaltijd en een glas raki om door te waren en later koffie. Het zijn hele arme mensen, maar ze doen allemaal heel erg hun best om me te verwennen en geven zoveel ze kunnen missen. Ik slaap die nacht lekker warm onder een enorm dikke kapokdeken op een oud en doorgezakt veldbed. De volgende dagen schijnt de zon weer en dat blijft hij nog vele dagen doen, al is hij niet krachtig genoeg om de sneeuw van de wegen weg te smelten. Ik zal nog een paar keer in mijn tentje moeten overnachten, maar probeer zoveel mogelijk om ergens binnen te slapen, omdat het nu echt te koud is 's nachts om buiten te liggen. Ik slaap in non-stop restaurants, benzinestations en wachtkamers van oude stations, maar word gelukkig vrij regelmatig door gastvrije Roemeense burgers uitgenodigd om bij hen in huis te overnachten.

Daarom ben ik de bevolking van Roemenië zeer dankbaar en ze verdienen en krijgen al mijn respect. Zo sliep ik vlakbij Gura Vaií op de boot van Silviu, Dorina en hun zoon Jimi, in de Donau met aan de overkant Servië. Hij had me uitgenodigd voor de thee, toen ik hem in de namiddag had ontmoet in een tankstation, en wilde me niet laten gaan toen ik er na het avondmaal nog steeds zat. Ze hadden zelf ook veel gereisd en begrepen maar al te goed wat ik nodig had.

 

 Bulgarije

Als ik eindelijk na 19 dagen non-stop wandelen in Vidin in Bulgarije ben aangekomen, neem ik een dag vrijaf om even de benen wat rust te gunnen en familie te bellen. Het is nu nog 7 dagen naar Sofia en daar wil ik graag met oud en nieuw zijn. Na de Karpaten van Roemenië kom ik nu door het bergachtige gebied van de Bulgaarse Stara Planina. Ik slaap nu wat regelmatiger in hotels al zijn die hier behoorlijk duur of slaap in dag en nacht geopende wegrestaurants die om deze tijd van het jaar weinig bezocht worden en lig op de vloer of op een stuk of vier aaneengeschoven stoelen, vlakbij de houtkachel, maar zet ook nog voor één nacht mijn tent op en kan bijna niet slapen van de kou. Het moet minstens 15 onder nul zijn geweest en de volgende morgen ligt er ook nog een pak sneeuw boven op mijn tent. Maar ik overleef het en ben een paar dagen later in Sofia en neem er een dag of 5 rust. Al komt er van relaxen niet echt veel terecht, omdat ik het vrij druk heb met inkopen doen, geld wisselen, brieven schrijven, E-mailen, wassen en sightseeing. De straten van Sofia zijn bijna onbegaanbaar vanwege de platgetrapte sneeuwhopen en ijsbanen. Iedereen glibbert van hot naar her en menigeen gaat onderuit.

De Alexander Nevski-kathedraal is een magnifiek bouwwerk en ik breng er verschillende bezoeken. Verder is er niet zoveel te beleven in Sofia, oudjaarsavond ga ik zelfs vroeg naar bed, en ik heb het na vijf dagen wel gezien. Weer drie dagen later is plotseling alle sneeuw verdwenen na een middag en nacht van regen. Als dan ook de zon nog begint te schijnen lijkt het wel voorjaar en zo kom ik na vijf dagen van gemiddeld 35-40 km in Plovdiv aan. En wie schetst mijn verbazing als ik in een restaurant mijn zoveelste omelet met patat zit te nuttigen en er een jonge Fransman bij me aanschuift die zegt dat hij van Marseille naar China loopt? Het is een ongelooflijke ontmoeting en we besluiten samen verder te lopen. Eerst tot Edirne vlak over de grens in Turkije en daarna zien we verder. In het centrum van Plovdiv nemen we onze intrek in een privé pension voor drie nachtjes. De volgende dag bekijken we het oude stadsgedeelte met zijn typisch gebouwde huizen en kronkelstraatjes. We brengen zelfs een bezoek aan mr. Culture, de voormalig burgemeester van Plovdiv, en dat is tegenwoordig een hoge uitzondering omdat hij wat oud begint te worden en snel vermoeid is. Hij toont ons zijn rijke kunstcollectie waaronder vele portretten van mr. Culture himself. (Ik ben zijn echte naam helaas kwijtgeraakt, maar weet zeker dat hij zijn bijnaam ook zeer op prijs stelt.) De volgende dag reis ik nog eens terug naar Sofia en er zijn zowaar twee brieven onder Poste Restante doorgekomen. De dag erna gaan we met z'n tweeën verder en het is heel leuk en gezellig om na zo'n drie maanden alleen gelopen te hebben, weer eens met iemand op te trekken voor een langer tijdje. Maar Philippe heeft een ander wandelschema dan ik en hij start meestal later, maakt veelvuldig praatjes en is regelmatig bezig met hele fotoseries en sessies, wat mijn geduld nogal eens op de proef stelt, maar al met al vormen we een aardig team en hebben we veel dingen gemeen. Philippe wil de wereld nog eens goed bekijken voordat alle landen, steden en mensen er hetzelfde uit gaan zien en we allemaal een Amerikaans leven gaan leiden. En zo lopen we filosoferend de bergen uit en komen de zevende dag in Turks Edirne aan.

Turkije

Turkije

Hier begint een geheel andere cultuur. De straten zijn druk bevolkt en het centrum is rumoerig van de vele winkeltjes, de schetterende Turkse muziek en het vele verkeer, maar bovenal is daar die enorme moskee. In het hart van de stad torent hij boven alles in z'n omgeving uit en domineert hij met zijn vier vlijmscherpe minaretten de hele stad. Het is een indrukwekkende knaap en zeker een bezoek waard, want van binnen is hij nog grootser dan hij van buiten al is. Hij is prachtig gedecoreerd en het geheel is een wonder van verfijnde architectuur. We blijven drie dagen in deze stad rusten. In het internetcafé ontmoet ik Erkal, een ex-luchtmachtbeambte en hij belt het lokale tv-station op om een interview voor me te regelen, wat gelijk 10 minuten later ter plekke plaatsvindt. En zo kan ik de volgende avond in een theehuis mezelf op de tv zien en me de boodschap horen verkondigen. Philippe is een beetje jaloers, maar mag niet klagen, omdat hijzelf ook al veelvuldig in het nieuws van dag- en weekbladen is verschenen.

Na de derde nacht in Edirne gaan we toch gezamenlijk weer verder omdat we het beiden leuk vinden om samen te lopen en het scheelt bovendien aanzienlijk in de prijs voor een hotel. We gaan de kleine smalle landweggetjes weer op omdat we niet het hele eind tot Istanbul langs drukke en grote wegen willen lopen. Het is misschien een heel stuk omlopen, maar het landschap en de rust belooft dat het de moeite zal lonen. Het is al donker als we in Hasköy aankomen. In een theehuis vragen we of er een hotel is, maar komen er al snel achter dat er ook langs deze route weinig hotels te vinden zijn. Maar de dorpelingen hebben er geen enkele moeite mee als we de tent in de tuin van het dorpshuis opzetten en vinden het zelfs leuk als ze ons op deze manier van dienst kunnen zijn. Helaas denken een paar honden daar anders over en blaffen de hele nacht.

 

Turkije

Toch komen we nog een paar keer in kleine stadjes een hotel tegen en maken er voor een nachtje gebruik van en nemen er een douche als er warm water is. In Saray blijven we zelfs nog een dagje extra, omdat het een aardig plaatsje is, we aan pauze toe zijn en Philippe er in de loge van het hotel zijn favoriete club 'Marseille' tegen Auxerre kan zien voetballen. In Istranca eindigen we de dag in een restaurant waar we ook kunnen blijven slapen, al zullen ze pas om 12 uur sluiten, wat voor ons vrij laat is. Dan stapt plotseling om 11 uur drie man gendarmerie binnen die de andere klanten wegstuurt en ons komt ondervragen. We moeten onze paspoorten laten zien en de jonge commandant denkt dat ze niet in orde zijn. Een van zijn jonge ondergeschikten begint alvast demonstratief met zijn gummiknuppel te spelen. Mijn pas wordt nauwkeurig onderzocht en tegen het licht gehouden. Op mijn foto ontbreekt een stempel en de commandant moet er langdurig over bellen met z'n meerdere. Dan laat ik hem mijn door Erkal in het Turks vertaalde reisbrief lezen en draait hij een beetje bij. Het is al na twaalven als hij onze passen teruggeeft en ons de volgende morgen uitnodigt voor de thee op zijn bureau, waarna hij eindelijk vertrekt en wij op een serie aaneengeschoven stoelen in onze slaapzak kunnen gaan slapen. Uiteraard gaan wij de volgende morgen even bij onze vriend commandant Uzman op de thee om verdere problemen te voorkomen.

Turkije

Weer een nacht later slapen we op de grond van een lege kamer boven een theehuis. Alle Turken die we tot zover tegen zijn gekomen waren ontzettend gastvrij en behulpzaam en de gratis glaasjes thee die we van hen gekregen hebben zijn inmiddels ontelbaar. We staan vroeg op om de laatste etappe naar Istanbul af te leggen. Het is een prachtige dag en lopen stevig door. We hebben er allebei zin in om dit doel, wat in het begin zo eindeloos ver leek, vandaag te bereiken.

Toch duurt het nog lang voor we na zo'n 40 km eindelijk het centrum van deze metropool bereiken. Maar we kunnen tevreden zijn als we dan tussen de Hagia Sofia en de Blauwe Moskee staan, dat we het alvast tot hier, en zonder al te veel problemen, gehaald hebben. Hier nemen we ook afscheid van elkaar, want onze wegen splitsen zich in andere richtingen, en Philippe verdwijnt langzaam in de massa en de nacht van Istanbul.

Turkije: Internetcafe

 

 Thijs, 31 januari 1999.

 

 

ECO-WALK

AMSTERDAM - JERUSALEM

1998 - 2000

 

A PILGRIMS ECO-WALK

FROM AMSTERDAM TO JERUSALEM

TO IMPROVE RELATIONS BETWEEN NATURE AND PEOPLE

By SAR MATTHEUS



Ga naar pagina 1

Ga naar pagina 2

Ga naar pagina 4

English: Part 1, Holland, Germany, Czech, Austria, Hungary, Romania, Bulgaria, Turkey

English: Part 2, Syria and Jordan

Affiche

E-mailadres Thijs Postma: sarmattheus@gmail.com

Webadres: http://www.thijspostma.nl/ecowalk

Lay-out: Alie van Nijendaal, E-mailadres: alie@aliepostma.nl

 

 

Laatste wijziging: 8 december 2018